Specifieke effecten van stimulatie van Galblaas 34 in hypothalamus en het limbische systeem
 

Wu MT, Sheen JM, Chuang KH, Yang P, Chin SL, Tsai CY, Chen CJ, Liao JR, Lai PH, Chu KA, Pan HB, Yang CF. Neuronal specificity of acupuncture response: a fMRI study with electroacupuncture. Neuroimage 2002 Aug;16(4):1028-37.
 

Onderzoekers uit het ‘Veterans General Hospital’ in Taiwan onderzochten de effecten van electroacupunctuur op de hersenen met behulp van een functionele neuroimaging techniek (fMRI). Dit onderzoek was methodologisch prachtig opgezet, want er bestonden controles voor de electroacupunctuur, namelijk geen stimulatie van een punt, electrostimulatie op een niet-acupunctuurpunt en minimale stimulatie op een acupunctuurpunt. Er werden 15 vrijwilligers in de studie ingesloten en het pijnstillende punt Galblaas 34 (Yanglinquan) werd onderzocht.

Zowel na placebo als echte electroacupunctuur waren er effecten in de hersenen te zien, maar de echte vorm van acupunctuur gaf een significant hogere activiteit weer in de hypothalamus, de primaire somatosensorische en -motorische cortex en een deactivatie van de voorste cingulaire cortex. Bij de vergelijking minimale electroacupunctuur versus placebo acupunctuur was er ook een verschil te zien waarbij minimale electroacupunctuur duidelijk het gebied van de mediale occipitale cortex activeerde.

De conclusie van de auteurs was dat het hypothalamus-limbisch systeem het meest duidelijk door electroacupunctuur gemoduleerd wordt in vergelijking met placebo acupunctuur of electroacupunctuur op een niet-acupunctuurpunt. De effecten op de visuele en auditieve cortexdelen was minder specifiek.

Dit onderzoek beaamt het algemene resultaat van veel beeldvormend onderzoek, namelijk dat acupunctuur specifieke centrale effecten te weeg brengt in belangrijke hersendelen zoals de hypothalamus en het limbisch systeem.

 © ORES 2003