De afbeelding van de neurologische patiŽnt in de negentiende eeuw

ORES richt zich op de behandeling van neurologische ziekten met acupunctuur. Voor het instellen van een goede behandeling is gedetailleerde waarnemen van klachten en symptomen van groot belang.  Nu is de neurologie ook bij uitstek een discipline waarbij de waarneming een grote rol speelt.[i]

Daarom leek het ons leuk om voor onze bezoekers een serie mooie medische afbeeldingen uit de negentiende eeuw te publiceren. Om te zien hoe gedetailleerd men vroeger al keek en beschreef.

Nu tegenwoordig de CT-scan en andere beeldvormende technieken een steeds  prominenter plaats innemen binnen de diagnostiek van de neurologische ziektebeelden, lijkt de waarneming en het neurologisch onderzoek  meer en meer op de achtergrond te geraken. Hierdoor dreigt het wezen van de neurologie uit het oog verloren te worden. Het nauwkeurig waarnemen en vast leggen heeft namelijk aan de wieg gestaan van de klinische neurologie en de grote neurologische ziektebeelden zijn dan ook ontstaan als gevolg van zeer gedetailleerde observaties. Vooral de negentiende eeuw is binnen de geschiedenis van de neurologie een zeer spannende tijd geweest: de ziekte van Parkinson, multipele sclerose, amyotrofe laterale sclerose, de vele hereditaire spieratrofieŽn en andere degeneratieve ziektebeelden waar we ons bij ORES op richten, zijn alle in deze tijd voor het eerst beschreven. In het merendeel van de gevallen werd gebruik gemaakt  van de afbeelding, vaak als houtsnedes, lithografieŽn of kopergravures en aan het eind van de negentiende eeuw ook fotomateriaal, om ook zo aan het nieuwe ziektebeeld bekendheid te geven.

De klinische neurologie als zelfstandig specialisme ontstond formeel in 1882 met het instellen van een leerstoel in Parijs. Jean-Martin Charcot (1825-1893) was de eerste hoogleraar met de leeropdracht 'ziekten van het zenuwstelsel'. Maar al vanaf het begin van de negentiende eeuw zijn significante bijdragen op het gebied van de klinische neurologie te vinden. Vooral de Parijse school van Charcot is zeer invloedrijk geweest gedurende de gehele negentiende eeuw. De Parijse school werd gekarakteriseerd door grote aandacht voor het lichamelijk onderzoek en de symptomatologie, maar eveneens voor de pathologische anatomie. Zij ontwikkelde zich uit de empirische positivistische geneeskunde, die aan het einde van de achttiende eeuw in Frankrijk ontstond.[ii] Deze empirische geneeskunde was een reactie op de te sterk door allerlei theorieŽn gedomineerde geneeskunde van de zeventiende en achttiende eeuw. Men keerde zich aan het begin van de negentiende eeuw massaal af van elke theorie en zocht het ziektebed weer op. Dit betekende in wezen een heroriŽntatie in de traditie van Hippocrates.[iii] [iv] De basis van de empirische klinische geneeskunde werd zodoende gevormd door de waarneming, de fysische diagnostiek (palpatie en auscultatie) en de relatie tussen de symptomen en de pathologische anatomie. Centraal bij deze heroriŽntatie stond de observatie in de traditie van de positivisten Locke en Condillac: geloven wat de zintuigen ons zeggen. Pierre Jean George Canabis (1757-1818) was de belangrijkste grondlegger van de positivistische stroming binnen de geneeskunde.[v] Maar ook Pinel, Bichat, Laennec, Chomel, Corvisart, Andral en Trousseau waren binnen deze stroming heel actief. De lijfspreuk van Laennec was bijvoorbeeld: ĎArs medica tota in observationibusí.

De ontwikkeling van de klinische neurologie in de tweede helft van de negentiende eeuw kan niet los gezien worden van deze empirische geneeskunde, waar een zo vooraanstaande rol gespeeld werd door de waarneming.

Met de collectie afbeeldingen van de neurologische patiŽnt uit de negentiende eeuw willen we u een beeld schetsen van de wijze hoe de arts in de negentiende eeuw de patiŽnt zag en wat voor hem kenmerkende karakteristieken waren.

Deze serie afbeeldingen is uniek in de neurologische literatuur; tot nu toe is de aard en wijze hoe de patiŽnt afgebeeld werd nooit het onderwerp van studie geweest en we hopen dat u zult genieten van deze collectie.

 © ORES 2003

[i] Keppel Hesselink JM. Beelden in de mist. Rotterdam, Erasmus publishing, 1994

[ii]. Ackerknecht EH. Medicine at the Paris hospitals 1794-1848. Baltimore: John Hopkins, 1967.

[iii]. Smith WD. The Hippocratic tradition. London: Cornell University Press, 1979.

[iv]. Schlichting TH. De grondslagen van Hippocrates. Nederl. Tijdschr. Geneeskd. 1936;80:4023-4030.

[v]. Canabis PJG. Du degrť de certitude de la mťdecine. Paris; Lehec, 1798.