Athetose: de eerste afbeelding van een athetotische handstand (1871)

 

De eerste afbeelding van een athetotische handstand komt uit het handboek van Hammond uit 1871

 Van de extrapiramidale bewegingsstoornissen zijn de ziekte van Parkinson en athetose vermoedelijk het duidelijkst herkenbaar op afbeeldingen. Bij andere aandoeningen, zoals choreatische bewegingsonrust en ballistische stoornissen voldoen statische afbeeldingen niet.

Athetose werd het eerst in 1871 door William Alexander Hammond (1828-1900) beschreven en door middel van een illustratie weergegeven in de eerste druk van het Amerikaanse handboek 'A treatise on the diseases of the nervous system'.[i]

De term athetose komt uit het Grieks en betekend letterlijk zonder gefixeerde positie. Hammond definiŽerde de ziekte als volgt:

" Under the name of athetosis I propose to describe an affection which, so far as I know, had not, previous to the publication of the first edition of this work in 1871, attracted the attention of the medical writers and of which several cases have come to my knowledge. It is mainly characterized by an inability to retain the fingers and toes in any position in which they may be placed, and by their continual motion." 

 De eerste twee patiŽnten die Hammond beschreef hadden langzame, krachtige bewegingen van vingers en tenen aan ťťn lichaamszijde, bewegingen die tijdens slaap niet verdwenen, tremoren van de tong, sensibiliteitsstoornissen aan de aangedane zijde en pijnen in de 'spasmodisch aangedane spieren'. De abnormale bewegingen ontstonden bij beide patiŽnten na een plotseling epileptiforme aanval die gepaard ging met een verlaagd bewustzijn. In het tweede geval was er sprake van een cerebrovasculair accident met een passagŤre rechtszijdige hemiplegie. Bij een derde geval verdwenen de onwillekeurige bewegingen tijdens de slaap. In een artikel uit 1873 schreef Hammond dat de lokalisatie van de laesie vermoedelijk lag in het corpus striatum of de thalamus opticus. Deze gissing berustte niet op neuropathologisch onderzoek, maar op de toen algemene opvatting dat de motorische banen in het corpus striatum hun oorsprong vonden. In 1890 beschreef de zoon van Hammond het autopsieverslag van de eerste patiŽnt met athetose die zijn vader beschreven had. Er werd littekenvorming gevonden in thalamus, capsula interna en nucleus lenticularis.[ii]

De term athetose burgerde niet direct in, diverse beroemde tijdgenoten van Hammond hadden problemen met dit begrip, waaronder Gowers en Charcot. Charcot meende dat het bij athetose slechts ging om een variant van posthemiplegische chorea. Eulenburg noemde athetose wel in zijn handboek uit 1875, maar meende dat de diagnose multipele sclerose bij deze gevallen meer voor de hand lag.[iii] Gowers vond dat athetose niets anders was dan een variant van 'spasmus mobilis'. In tegenstelling tot de permanente spasmen die op hemiplegische beelden volgden, zou er hier sprake zijn van een spasme met een intermitterend of remitterend karakter.

 © ORES 2003

[i]. Hammond WA. A treatise on the diseases of the nervous system. New York: Appleton,1871; 2nd edition,1876.

[ii]. Hammond GM. Athetosis: its treatment and pathology. J. Nerv. Ment. Dis. 1890;13:730-742.

[iii]. Eulenburg A. Handbuch der Krankheiten des Nervensystems. Leipzig: Vogel, 1875:II:389.